Matteüs 4,1–11

Inleiding

a. De beproevingen door de duivel staan onder supervisie van de heilige Geest, die op Jezus neerdaalde bij zijn doop (Math. 3:16) Daarom is ‘beproeven’ hier een betere vertaling dan ‘verzoeken’, aldus LdR. Zie ook de noten 3 en 5.

b. Oepke Noordmans schreef (vrij citaat): Jezus tast zijn weg als Messias af aan de hand van de Schriften, de Torah in het bijzonder.

c. Jan Koopmans (vrij citaat): In de beproevingen die Jezus ondergaat, staat de incarnatie op het spel: hóe zal hij zoon van God zijn?

d. De fundamentele keuzes waar Jezus voor gesteld wordt, hebben betrekking op: Wat voedt je? Waaruit blijkt je vertrouwen? Wat wil je nastreven?. Hoe en waar raakt dit mijzelf?

e. Hoe kan de lezing uit Gen. 2:15-3:9 hierbij nog zinvol meeklinken: contrasterend wellicht?: de eerste Adam die het gebod ervaart als beknotting van z’n mogelijkheden, de tweede Adam die in het gebod de ruimte en voeding van een relatie vindt om staande te blijven.

Vertaling

1
Toen werd Jezus door de Geest
opgeleid1 naar de woestijn2
om beproefd te worden door de duivel3.
2
En toen hij veertig dagen en veertig nachten4
gevast had, kreeg hij op het laatst honger.
3
En de beproever5 kwam op hem toe, en zei:
Als jij de zoon van God6 bent,
spreek7 dan, opdat deze stenen8,
tot broden worden!
4
Maar antwoordend zei hij:
Er staat geschreven:
Niet bij brood alleen
zal de mens leven,
maar bij alle woord,
dat uitgaat door Gods mond.9
 
5
Dan neemt de duivel hem mee10
naar de heilige stad,
en hij stelde hem op de tinne11 van de tempel
6
en hij zegt tot hem:
Als jij de zoon van God12 bent,
werp jezelf dan naar beneden,
want er staat geschreven:
Aan zijn engelen zal hij omwille van jou bevel geven
en ze zullen je op handen dragen,
zodat je voet zich aan geen steen stoten zal.13
7
Maar Jezus zei tot hem:
Weer staat er geschreven:
Je zult de ENIGE, je God, niet verzoeken14..!
 
8
Weer neemt de duivel hem mee,
naar een nog hogere berg15,
en toont hem alle koninkrijken van de wereld16 én hun glorie,
9
en hij zei tot hem:
Dit alles zal ik jou geven,
als jij neervallend17 míj aanbidt.
10
Dan spreekt18 Jezus tot hem:
Ga weg, satan,
want er staat geschreven:
‘De ENIGE, je God, zal je aanbidden
en Hem alleen vereren.19
11
Dan verlaat de duivel hem
en zie, engelen kwamen op hem toe
en bedienden20 hem.

Noten

  1. Anagoo Aor. Pas. in Math alleen hier: geeft de inzet van een nieuwe beweging/ fase aan. Zie ook Luc 2: 22 en 8:22 (van wal steken). De dubbele betekenis van ‘opgeleid worden’ kent het Grieks ook.↩︎
  2. Mattheus volgt hier de exodus-weg van Israël: door het water heen in de woestijn geleid worden..↩︎
  3. Beproeving is blijkbaar een ambivalent gebeuren, laverend tussen heilige Geest en duivel, maar de Geeft heeft (en houdt) als eerste actor toch het initiatief.↩︎
  4. De uitdrukking ‘veertig dagen en veertig nachten’ verwijst naar Ex. 24:18: Mozes in de wolk op de berg. Andere evangeliën gebruiken dit idioom niet,↩︎
  5. Met NBV kies ik hier voor ‘beproever’ i.p.v. ‘verzoeker (NBG-51); De duivel staat immers onder supervisie van de Geest. Het ww. ekpeirazoo (v.7) zou ik dan willen vertalen als ‘verzoeken’.↩︎
  6. Hiermee grijpt de duivel terug op Jezus doopervaring (3:17): Dit is mijn zoon, de geliefde, in wie ik welbehagen heb!↩︎
  7. De duivel doet een beroep op het scheppende spreken met gezag van Jezus.↩︎
  8. Johannes had gepredikt dat God bij machte is uit ‘deze stenen’ kinderen van Abraham te verwekken.↩︎
  9. Torah-citaat uit Deut. 8:3, waar ook sprake is van woestijn-beproevingen voor Israël.↩︎
  10. De woestijn is een eenzame plek, maar Jezus krijg hier wel (verkeerd) gezelschap.↩︎
  11. pterugion‘: let. vleugeltje, overstekende rand van het tempeldak. Verleidelijke benaming als je iemand uitdaagt naar beneden te springen. Zie ook Ps. 91:4↩︎
  12. Hier ook de gelegenheid om het zoon-van-God zijn te bewijzen ten aanschouwen van allen die de tempel dienen en bezoeken, om daarmee dus ook het religieuze instituut te overtroeven.↩︎
  13. Ook de duivel kent zijn bijbel en citeert hier Ps.91:11-12↩︎
  14. Hier dus ekpeirazoo, zie Deut.6:16↩︎
  15. Enigszins interpreterende vertaling om de samenhang met de vorige beproeving aan te geven.↩︎
  16. Nu Jezus de geestelijke beproevingen van de duivel (als jij de zoon van God bent..) pareert met het citeren van de Schriften, gooit de duivel het over een andere, wereldse boeg. Zou Jezus nu geen beroep op de Schriften kunnen doen? Ja, zeker wel…!!↩︎
  17. Het ‘vallen’ zal hier ook overdrachtelijke betekenis hebben.↩︎
  18. Nu spreekt Jezus wel met gezag.↩︎
  19. Opnieuw een Torah-ciaat: Deut. 6:13; 10:20; 32:43↩︎
  20. Hiermee wordt zowel de eerste als de tweede beproeving in herinnering geroepen: behoefte aan voeding (bedienen) en veiligheid (engelen). Wat Jezus juist als zoon van God voor zichzelf niet genomen heeft, ontvangt hij nu van hogerhand.↩︎
Scroll naar boven