Lucas 18,1-8
- Vierdag: 19-10-2025, 5e van de herfst
- Boek: Lucas
- Perikoop: Lucas 18,1-8
- Vertaler: Hettie Oudelaar
Inleiding
Hoe de voorbereiding op de dag van de Mensenzoon dient te verlopen, wordt door Lucas geïllustreerd door herhaling van thema’s die al eerder in het reisverhaal aan bod kwamen. De gelijkenis van de onrechtvaardige rechter en de niet aflatende weduwe herneemt het thema van het gebed dat in hoofdstuk 11: 1-13 aan de orde kwam.
Vertaling
18, 1
En hij zei een gelijkenis tot hen met als doel dat zij altijd moesten bidden en niet
moede (moesten) worden,
2
zeggende:
een zekere rechter was in een zekere (een of andere) stad die God niet
vreesde en een mens niet ontzag.
3
En er was een weduwe in die stad en zij kwam naar hem zeggende:
verschaf mij recht tegen mijn tegenstander.
4
En hij wilde lange tijd niet. En daarna zei hij bij zichzelf:
ook al vrees ik God niet en ontzie ik een mens niet,
5
omdat die weduwe mij last veroorzaakt zal ik haar recht verschaffen, opdat zij niet
tenslotte naar mij komend mij in het gezicht slaat.
6
En de heer zei:
hoort wat de rechter van het onrecht zegt:
7
Zal God zeker niet (het) recht doen aan zijn uitverkorenen die luid tot Hem roepen
dag en nacht, en zal Hij (niet) lankmoedig zijn tegenover hen?
8
Ik zeg jullie dat Hij spoedig (het) recht zal doen aan hen. Maar zal de Mensenzoon
komende (als Hij komt) (het) geloof vinden op aarde?