Matteüs 18,1-20
- Vierdag: 6-9-2026, 12e van de zomer
- Boek: Matteüs
- Perikoop: Matteüs 18,(1)15-20
- Vertaler: Eefje van der Linden
Inleiding
De gemeenterede lijkt als een ellips met twee brandpunten die elkaars spiegelbeeld zijn zoals 18:8 en 18:15. De twee brandpunten zijn rechtvaardigheid, het aan het licht brengen van onrecht. En barmhartigheid, zoals het kind opnemen, het verdwaalde zoeken, verzoening en vergeving. Het lijkt alsof de lezer telkens door een ander brandpunt kijkt. Deze gemeenschap moet weten dat verzoening en vergeving belangrijker zijn dan scheiding. Niemand gaat immers vrijuit.
Vertaling
18,1
Op dat ogenblik1 kwamen de leerlingen tot Jezus en zeggen:
“wie is wel de grootste in het koninkrijk der hemelen?”
2
En Jezus riep een kind bij zich,
plaatste hem te midden van hen
3
en zei
“zeker ik zeg jullie
als jullie niet omkeren en worden als kinderen
zullen jullie niet binnengaan in het koninkrijk der hemelen
4
Dus wie zichzelf zal vernederen als dit kind
die is de grootste in het koninkrijk der hemelen
5
En wie één zo´n kind opneemt
omwille van mijn naam
hij neemt mij op
6
Maar wie één van deze kleinen die in mij geloven laat struikelen
het brengt hem meer op indien een molensteen rond zijn hals wordt gehangen
en hij in de diepte van de zee wordt geworpen.
7
Wee de wereldorde, vanwege de struikelblokken
want dat de struikelblokken komen, het zij zo2
Alleen, wee de mens door wie het struikelblok er komt.
8
Maar als je hand of je voet je laat struikelen.
Hak hem af en werp hem van je.
Het is beter voor je om het leven binnen te gaan verminkt of verlamd
dan met twee handen of twee voeten geworpen te worden in het eeuwige vuur.3
9
En als je oog je laat struikelen.
Trek hem uit en werp hem van je.
Het is beter voor je om éénogig het leven binnen te gaan dan met twee ogen geworpen te worden in het Gehennavuur.4
10
Zie toe dat jullie niet verachten één van deze kleinen
want ik zeg jullie
dat hun engelen in de hemelen altijd5 het aangezicht van mijn vader in de hemelen zien.
11
Want de mensenzoon komt
om te redden wat verloren is.6
12
Wat denken jullie?
indien een mens honderd schapen heeft en één van hen dwaalt af,
zal hij dan niet de negenennegentig achterlaten in de bergen
en na zijn vertrek het afgedwaalde zoeken?
13
en indien het gebeurt dat hij hem vindt
Zeker en vast, zeg ik jullie
dat hij over hem meer verheugd is dan over de negenennegentig die niet zijn afgedwaald.
14
Zo is het niet de wil van jullie vader in de hemelen, dat één van deze kleinen verloren gaat
15
Als je broer een fout begaat7
ga en wijs hem terecht, tussen jou en hem alleen.
Indien hij naar je luistert, heb je je broer gewonnen
16
maar indien hij niet luistert
neem één of twee met jou mee
om bij monde van twee of drie getuigen elk woord staande blijft8
17
Indien hij naar hen niet luistert
zeg het de gemeente
maar als hij ook niet luistert naar de gemeente
moet hij voor jou zijn als een heiden en een tollenaar
18
Zeker en vast zeg ik jullie
Al wat jullie binden op de aarde, zal gebonden zijn in de hemel
en al wat jullie eventueel losmaken
zal losgemaakt zijn in de hemel.
19
Weer opnieuw, zeg ik jullie
dat als twee van jullie overeenkomen op aarde met betrekking tot elke zaak waar zij =verlangend om vragen het zal hun geschieden vanwege mijn Vader in de hemelen9
20
Want waar twee of drie zijn verzameld in mijn naam
daar ben ik in hun midden.10“